Tag: ondergronds bankieren
-
Redengevende witwasomstandigheden moeten herleidbaar zijn tot bewijsmiddelen (ECLI:NL:HR:2020:1904)
De verdachte is door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor medeplegen van witwassen (art. 420bis Sr): zij droeg op 25 mei 2016, in opdracht van haar echtgenoot, een plastic tas met € 30.000 contant over aan een onbekende, waarbij een € 5-biljet als token diende.
-
Geen voorwaardelijk opzet hawala-bankier op criminele herkomst geld (ECLI:NL:HR:2019:984)
De verdachte fungeerde als hawala-bankier en had in januari 2010 de beschikking over drie grote contante geldbedragen (waaronder € 200.000) die in plastic tassen bij een bedrijf werden afgeleverd en bestemd waren voor Engeland.
-
Gronddelict moet voorafgaan aan witwashandeling: hawala-gelden (ECLI:NL:HR:2014:3044)
De verdachte is door het hof Amsterdam veroordeeld voor gewoontewitwassen (art. 420ter jo. 420bis Sr) en deelneming aan een criminele organisatie.
-
Gronddelict moet voorafgaan aan witwashandeling; hawala-gelden (ECLI:NL:HR:2014:3046)
De verdachte opereerde met medeverdachten vanuit een Amsterdamse wasserette als ondergronds (hawala-)bankier: in samenspraak met bankiers in het buitenland werden grote contante geldbedragen — in totaal ruim een miljoen euro in ruim een maand — aan derden in Nederland verstrekt.