Recente uitspraken
Besprekingen van uitspraken van de Hoge Raad over witwassen (art. 420bis–420quater Sr): de kern van de zaak, het oordeel en de betekenis voor de praktijk.
Eerder gewezen
Er zijn nog geen eerdere besprekingen.
Kernarresten
De ankerarresten van het witwasrecht, voor wie de canon zoekt in plaats van de actualiteit.
- HR 28 september 2004 (ECLI:NL:HR:2004:AP2124) – geen concreet gronddelict vereist; de eerste vindplaats van de “niet anders kan zijn dan”-formule.
- HR 2 oktober 2007 (ECLI:NL:HR:2007:BA7923) – herkomst uit eigen misdrijf staat – anders dan bij heling – niet aan een witwasveroordeling in de weg.
- HR 13 juli 2010 (ECLI:NL:HR:2010:BM0787) – het bewijsarrest: witwasvermoeden en verklaringstoets, zonder omkering van de bewijslast.
- HR 26 oktober 2010 (ECLI:NL:HR:2010:BM4440) – vestiging van de kwalificatie-uitsluitingsgrond: enkel voorhanden hebben uit eigen misdrijf is geen witwassen.
- HR 2 juli 2013 (ECLI:NL:HR:2013:150) – uitwerking van de uitsluitingsgrond: vereist is een gedraging gericht op daadwerkelijk verbergen of verhullen, met verzwaarde motiveringseis.
- HR 16 december 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3618) – drie factoren voor de begrijpelijkheid van het oordeel ‘onmiddellijk uit eigen misdrijf’.
Dit overzicht wordt aangevuld zodra volgende ankerarresten – onder meer het overzichtsarrest ECLI:NL:HR:2016:2842 en het stappenschema-arrest ECLI:NL:HR:2018:2352 – op deze site zijn besproken.